Search
Close this search box.
Search
Close this search box.

Halverwege 2021 zijn de energieprijzen flink gaan stijgen. De corona crisis, de Rusland-Oekraïne oorlog en de inflatie. Allerlei factoren die hebben bijgedragen aan de stijgende gasprijzen. Sinds 1 januari dit jaar geldt er een prijsplafond op energie. Het prijsplafond is simpel gezegd een maximumtarief voor gas en stroom tot een bepaalde grens. Hier lees je hoe het werkt.

Wat is het prijsplafond?

Op 1 januari 2023 is het prijsplafond ingegaan. Door dit prijsplafond krijgen de meeste huishoudens korting op hun energierekening. Dit omdat de kosten voor gas en stroom afgelopen halfjaar sterk zijn toegenomen. Het prijsplafond houdt in dat er een maximumtarief is voor energie tot een bepaald gebruik. Met deze regeling krijgen de meeste huishoudens hierdoor een korting op hun energierekening. De overheid betaalt deze korting. Huishoudens (en andere kleinverbruikers) hoeven er bovendien niets voor te doen om deze korting te krijgen. 

Hoe werkt het prijsplafond?

Volgens de berekeningen van Milieu Centraal gaat een huishouden met een gemiddeld energieverbruik vanaf 1 januari 2023 maximaal zo’n 230 euro per maand aan energiekosten betalen. Het prijsplafond wordt per 1 januari 1,45 euro voor gas tot een verbruik van 1200 m3 gas en 0,40 euro voor stroom tot een verbruik van 2900 kWh stroom. Het prijsplafond werkt eigenlijk hetzelfde voor zowel variabele als vaste energiecontracten. Ook goed om te weten: het plafond van 1200 m³ gas en 2900 kWh stroom geldt voor het hele jaar en wordt dus verdeeld over 365 dagen. Maar niet evenredig: de overheid houdt er rekening mee dat je in de winter gemiddeld meer verbruikt dan in de zomer. Daarom wordt het plafond per periode berekend. De dagplafonds zijn gebaseerd op het gemiddelde energiegebruik in een gemiddelde woning voor die specifieke dag. Op de zomerse dagen in juli is het dagplafond bijvoorbeeld lager dan in januari.

In de praktijk

Om aan te tonen hoe het prijsplafond in de praktijk werkt, maakte Rijsoverheid dit rekenvoorbeeld:

“Een huishouden krijgt op 13 april de jaarlijkse energierekening. Van 1 januari tot en met 12 april mag dit huishouden 610 m3 gas en 976 kWh stroom gebruiken tegen de maximale tarieven van het prijsplafond. Gebruiken zij meer? Dan betalen ze het tarief uit hun energiecontract. 

Van 13 april tot en met 31 december mag dit huishouden nog 590 m3 gas en 1.924 kWh stroom gebruiken tegen de maximale tarieven van het prijsplafond. Het maakt niet uit hoe hoog hun verbruik was voordat zij op 13 april de jaarlijkse energierekening kregen. In totaal mogen zij door deze verdeling in 2023 1.200 m3 gas en 2.900 kWh stroom gebruiken tegen het maximale tarief van het prijsplafond.”

Let wel op: het prijsplafond geldt nu alleen voor ‘kleinverbruikers’, dat zijn dus bijvoorbeeld huishoudens, zzp’ers, kleine bedrijven en verenigingen. Voor het mkb geldt het prijsplafond niet. Ook studenten kunnen vaak geen beroep doen op deze overheidstegemoetkoming. Studenten hebben vaak geen eigen energiecontract, maar regelen de energievoorzieningen via een huisbaas of delen de woning met meerdere bewoners, waardoor hun energiekosten hoger liggen dan het gemiddelde. En wie boven het plafond uitkomt, betaald gewoon de hoge prijs van het energiecontract.

Wil je meer lezen over veranderingen in 2023? Lees dan Is zonnepanelen kopen in 2023 nog steeds aantrekkelijk?